De Covid Volg de Zon roadtrip met Tonkie

Dikke twee weken vakantie en op pad met Tonkie. Dat werd plan B voor deze zomer.
De reis naar Patagonie komt nog wel.
En wat een luxe hebben we dan met ons eigen Tonkie, gewoon op pad kunnen gaan en staan waar we willen.
Het weer int de bergen zag er de eerste dagen niet zo goed uit. Dus besloten we een stop te maken in het Franse Lorraine. Een heerlijk gebied, daar schreef ik al wat over.
Vanaf daar besloten we richting het Comomeer te rijden. Het was er mooi weer en we waren er beide nog nooit geweest.
We reden vanaf daar via de Gotthardpas naar Italië. De tunnel lieten we liggen want we zijn tenslotte op een roadtrip. Een prachtige pas die gaat tot 2100 meter.
Het regende en toen we bijna boven waren begon het te sneeuwen. En echt hard te sneeuwen. Binnen 10 minuten was alles wit. Een bizar gezicht.
Aan de andere kant van de pas was het voorbij.
Toen we uiteindelijk bij het Comomeer waren was het heerlijk weer. De zon volgen was gelukt.
We gingen een dagje varen en bezochten een paar prachtige plaatsjes aan het Comomeer zoals Varenna en Belaggio Ik maakte een mtb tocht , vanaf het Comomeer naar boven. 23 km en 1000 hoogtemeters. Een magnifiek uitzicht op het Comomeer.
Vanaf daar wilden we richting de dolomieten rijden.
Maar op de kaart zagen we dat we vlak bij Parco Naturel Gruppi Di Tessa. We kenden het niet en besloten om daar wat rond te rijden en te gaan wandelen.
Het bleek een geweldig mooi gebied. Het staat vol appelbomen, gaarden vol.
Mooi om doorheen te rijden en uiteraard moet er een appeltje gepikt worden. ik rende er een uurtje.
Maar het berggebied is ook echt tof om te lopen.
We wandelden een prachtige route.
Ik Fietste nog een mooi rondje van 20 km en 400 hoogtemeters langs de rivier en tussen de appelgaarden door. Vanaf daar reden we door naar de dolomieten.
We besloten de Gardena pass te nemen, wat een prachtige route zeg!
En nog steeds was het heerlijk weer.
We wandelde daar echt een prachtige technische route vanaf Altijd Badia. 17 km en 1000 hm. Echt heel mooi!
Voor het eerst dat ik met Flynn aan de lijn lastige delen liep. Maar hij deed het supergoed.
Ook voor Jeanet was het een pittige dag, en dat op haar verjaardag!
Een mooier kade kun je toch niet krijgen.
Vanaf daar zijn we richting Sexten gereden, iets verder de Dolomieten in.
En zoals voorspeld werd het regenachtig. In de namiddag werd het droog en ben ik toch nog even op de mtb gesprongen voor een tof tochtje , 16 km en 650 hoogtemeters.
De volgende camping hadden we gekozen omdat het aan de voet van de klim van de Tre Cime di Lavaredo lag.
Het zou nog een dag slecht weer worden maar de dag erna zou een mooie dag zijn.
dus het plan was om die mooie dag te gaan wandelen.
De regendag was geen reden om niet te wandelen, alleen zijn we lager gebleven en korter gewandeld
Ik ben in de namiddag in de regen en de mist de Tre Cime di Laveredo  op gefietst, in de sporen van de Giro.
Door het slechte weer was er niemand, normaal echt wel een drukke weg omdat iedereen boven gaat wandelen. Een mooi heroïsch tochtje.
Zoals voorspeld was het het de dag erna een prachtige dag. In alle vroegte zijn we naar boven gereden en een schitterende wandeling gemaakt. Het is een populaire wandeling maar nu viel het mee met de drukte.
Dat het een populaire wandeling is komt omdat je vanaf deze kant de Drie Cime kunt aanschouwen en dat is indrukwekkend.
Het mooie was dat we op de camping beneden totaal in de wolken zaten. Toen we boven waren waren we boven de wolken en zagen we een strakblauwe lucht.
Samen wandelde we 10 km. Ik heb er nog een lusje aangemaakt en liep uiteindelijk 18 km en 1000 hm en 1500 dalende meters.
Echt een hele mooie tocht! Dat wij erg vroeg waren was een slimme zet want rond 11 uur werd het enorm druk en waren wij weer terug.
Vanaf daar hebben we de Dolomieten verlaten en reden we Oostenrijk in.
Een leuke boerencamping wat nog voor de Grossglockner Hochalpenstrasse lag.
We wilde graag met Tonkie de Grossglockner Hochalpenstrasse met zijn 26 haarspeldbochten rijden.
Een enorm mooie route wat op sommige plekken wel wat te druk was voor onze smaak met vooral motorrijders.  Maar dat mocht de pret niet drukken want mooi is het.
Mooie herinneringen aan de Ultratrail die ik hier liep en waar Jeanet een deel over die straat reed in alle vroegte  en late avond om mij te vinden tijdens de trail.
We eindigde die dag bij de Zellersee.
Kaprun kennen wij vooral van skiën, ik was er nog niet in de zomer.
Tijd om het te verkennen met de mtb.
Ik fietste een mooie ronde met een enorme klim. Eenmaal boven had ik met Jeanet afgesproken die er met Fynn was wandelen.
Samen hebben we boven lekker appelstrudel gegeten en erna volgde een enorme vette afdaling die eigenlijk niet mocht met de mtb maar volgens een huttenwaard was het geen probleem voor een ervaren mtb er.
Het was vooral voor de e-mtbers een gevaarlijke afdaling.
Dus heb ik het bord genegeerd en ben ik naar beneden gevlogen. Erna een rondje Zellersee en voldaan stapte ik weer in Tonkie.
Het plan was om nog een stukje verder te rijden richting Duitsland. Maar we zagen op de kaart de Walchsee en dat was nog net in Oostenrijk.
En zo kwamen we daar terecht. Jeanet ging een dagje luieren en met Flynn rond het meer wandelen en ik wilde nog een trail lopen.
Vanaf de camping bij de Walchsee zie je bergen met tussen al het groen een groot deel rots. Dat nodigt uit voor een uitdagend trailrondje.
Nader onderzoek liet zien dat er een kruis op de berg staat – Pyramidespitze.
En zo kwam het dat ik een rondje intekende die niet zo simpel was omdat ik van de camping wilde vertrekken. Het leek op sommige delen wel rotsklimmen. Na lang zwoegen kwam ik dan toch bij het kruis! Maar wat een mooie en zware ronde werd het!
21 km en 1600 hoogtemeters.
De perfecte afsluiting van 2 prachtige weken.
Wat zijn we gezegend met ons campertje, dat wist ik al maar in deze covidtijd is het toch heerlijk dat we zo rond kunnen rijden en de vrijheid hebben om te gaan en staan waar we willen.
Het werd een we zien wel waar we heen gaan vakantie, daar waar het lekker weer is als het even kan. En lekker weer was het, 2 slechte dagen en voor de rest heerlijk zomerweer.
We zouden dit maanden kunnen volhouden…..

Natuurpark de Lorraine – in de sporen van de eerste wereldoorlog

Onze eerste dagen op onze twee weekse roadtrip met Tonkie besluiten we naar  Regionaal Natuurpark de Lorraine te gaan. Het ligt een beetje in de richting waar we heen rijden en ik wil er graag eens rondkijken.
Een prachtig natuurgebied in het noorden van Frankrijk, eigenlijk net vlak voor de Vogezen. Netto 4.5 uur rijden.
Waar Corona niet goed voor is, dit jaar ontdek ik mooie plekken niet te ver van huis waar je tof kunt fietsen en trailen. Normaal gezien waren we aan de andere kant van de wereld.
Natuurpark de Lorraine is een gebied waar je zowel geweldig kunt fietsen als trailen. Sterker nog, het is een perfect gravelfiets gebied. Overal vind je tussen de akkers gravelpaden, maar er is ook veel bosgebied waar je veel gravelpaden en singletracks kunt vinden. Je kunt soms kiezen, de bredere gravelpad of door het bos over de smalle paadjes. Sommige delen is lang niemand meer geweest. Ik fietste door een deel waar het gras tot mijn middel kwam.
Het is overal glooiend en soms kom je echt steile stukken tegen.
Je fiets tussen zonnebloemvelden, graanakkers,  boomgaarden vol pruimen, prachtige meren en natuurlijk slaperige Franse dorpjes.
Maar wat dit gebied echt bijzonder maakt is de herinneringen aan de Eerste Wereldoorlog  Je komt overal gedenktekens, bomkraters en loopgraven tegen, echt indrukwekkend.
De slag om Verdun is overal terug te vinden.
Zo is er Butte Monsec, een enorm monument ter ere van de gesneuvelde Amerikanen. Een plek waar je even moet stoppen.
Jeanne d’Arc is geboren in deze streek, je kunt haar geboortehuis nog bezoeken.
Kortom, genoeg te bezoeken en te sporten.
Ik fietste er een fantastische graveltocht van 57 km met 800 hoogtemeters.
Echt een hele mooie tocht. die route vind je op mijn Komoot.
Ik vond de mijne op Komoot waar er nog 2 staan die ik graag eens wil fietsen. Die vind je hier. 
Wij zijn er 2.5 dag geweest maar ik ga daar zeker nog eens een lang weekend terug om te fietsen en te trailen.
Een gebied waar het totaal niet druk is en je de bossen en de mtb/ gravelwegen voor jezelf hebt. Je kunt er echt serieus hoogtemeters maken zowel fietsend als rennend.

Oh ja, er zijn zelf een aantal mini brouwerijtjes! Ik proefde het blonde biertje, de Charmoy, toppertje.

De Stubaier Alpen – 4 dagen genieten in een ruig en prachtig gebied

Het was al veel te lang geleden dat ik in de bergen was. Eindelijk weer in de echte bergen, en wat voor bergen. De Stubaier Höhenweg is een van de mooiste, maar ook de meest uitdagende hooggelegen wandelroutes in de oostelijke Alpen.
De route is geclassificeerd als een zwarte bergweg en slingert uitsluitend door alpine terrein. En daar is niets aan gelogen.
Ik had drie routes gemaakt die redelijk optimistisch waren omdat ik altijd denk dat het wel mee zal vallen. Maar dat deed het niet door verschillende oorzaken.
Maar gelukkig had ik ook een plan B.
Ik had de route in drie dagen opgesplitst en 2 hutten geboekt. Het zou neer komen op ongeveer 30 km per dag en vooral de eerste dag heel veel hoogtemeters.
En zo ging ik op pad met een rugzak op, ook weer even wennen, een zwaardere rugzak dan een dag-rugzakje.
Ik ging via het dorp Neustift het bos in en begonnen te klimmen. Eigenlijk stopte het klimmen bijna niet meer die dag.
Een mooi bos waar ik echt niemand tegenkwam. De eerste hut die ik tegenkwam had ik niet op de kaart gezien en lag prachtig. Een koffie en cola en uitzicht op het volgende deel naar boven.
Vanaf daar was ik in hoger Alpine gebied en zou ik geen bos meer zien.
Toen ik helemaal boven was nam ik nog 1,5 km de verkeerde afslag maar kwam ik uiteindelijk toch op een lange afdaling.
Na een km of 10 liep ik op een iets vlakker deel en verstapte ik mij lelijk in een kuil. Ik hoorde een knak in mijn enkel en verrekte van de pijn.
Het gebeurd wel vaker dat je je enkel verstuikt en het erg pijn doet maar vaak trekt dat snel weer weg en kun je verder.
Nu bleef het gevoelig.
Een paar km verder voelde ik dat mijn enkel erg dik was en bleef het gevoelig.
Ik kon er mee lopen maar zodra ik iets naar links of rechts zwikte – au.
Ik klom verder in technisch terrein wat er voor zorgt dat je niet erg opschiet.
Maar jeetje wat is het een schitterend gebied!
Via rotspassages, kettingen in ruig terrein kwam ik uiteindelijk bij de Insbrucke Hutte.
Daar wist ik al dat ik de hut waar ik zou slapen nooit zou gaan halen voor het donker.
De kaart erbij gepakt, een glas cola besteld en daar nam ik het besluit om te proberen de Bremmer hut te bereiken en daar te slapen.
Even contact met Jeanet via de app en die zou de hut bellen of ik daar kon slapen.
Ondertussen was ik doorgelopen en was het al tegen 3 uur.
Snel erna belde Jeanet dat de huttenwaard had gezegd dat ik er wel zou kunnen slapen maar dat ik dat nooit ging halen voor het donker.
Het was 10 km en er stond 7 uur voor. Ik had ondertussen wel begrepen waarom want het was allemaal klimmen en klauteren. Echt technisch terrein.
Ik kon dat wel lopen binnen 5 uur schatte ik in en dus liep ik verder met iets meer tempo.
Een fantastisch deel maar echt pittig.
Uiteindelijk kwam ik redelijk uitgewoond in de hut aan rond 19.00 uur. Ik had er rond de 4 uur over gedaan. De teller stond op 25 km en 3200 hoogtemeters.
De huttenwaard was zwaar onder de indruk en legde mij de hele avond in de watten.
Wat een prachtige hut op een fantastische plek!
Mijn enkel bleek dik en paars te zijn ondertussen.
Plan B moest uit de kast komen. Ik kon wel lopen maar allemaal wat rustiger. Waar ik normaal ren met een afdaling moest ik voorzichtig zijn om het niet te zwikken.
Dus 30 km per dag ging het niet worden. Bovendien was het doel genieten en niet als een idioot door de bergen racen.
De kaart er weer bij en een hut eerder slapen de volgende dag was een goede optie.
Dan aan het eind van die dag weer beslissen voor de dag erop. Ik vond het een goed plan.

De volgende ochtend stond ik om 7 uur buiten na een stevig ontbijt.
Weer een stralende blauwe lucht en wat een gelukzalige momenten zijn dat toch. De frisse berglucht op een prachtige plek. Ik word er gelukkig van.
Wederom bijna alleen technisch terrein en na een paar uur was ik bij de NurnBerge hut. Even een bakkie koffie en weer verder.
Er volgt een fikse klim naar het kruis op de top van de Mairspitze.
Het staat er vol met steenmannetjes. Ik geniet van het uitzicht en zet de afdaling in.
Ik kom voorbij de Grünauer See en klim nog maar eens en kom dan uit bij de Sulzenau Hut uit.
Tijd voor een lunch met Kaisersmarren, heerlijk!
Ik verbaas mij steeds weer over de schoonheid van dit gebied.
Het Wilde Stubaier Wasser en de bron daarvan, bij het Sulzenauferner vormt het middelpunt van deze etappe van de route. Echt fantastisch mooi!
Je loopt langs de gletsjer en klimt en klautert omhoog. Er volgen stukken kabels bij een aantal steile stukken.
Als je boven bent zie je heel in de verte de Dresdnerhut liggen maar daar kom je niet voordat je wederom een heel technisch deel moet afdalen.
Grote rotspartijen wat uiteindelijk zomaar eindigt in een renbaar pad.
Ik ben rond een uur of 3 bij de hut en besluit dat het genoeg is voor vandaag.
15 km en 1600 hoogtemeters.
Op het terras neem ik een heerlijke Weisse bier en zorg dat mijn enkel hoog ligt. Daar is ondertussen het hematoom naar beneden gezakt en nog steeds erg dik.
Maar al met al kon ik nog best aardig lopen dus dat viel niet tegen, het had veel rotter gekund.
Ik kan een slaapplek in de hut krijgen en besluit voor de volgende dag een plan te maken.
De huttenwaard vertelt dat het de volgende dag rond 12 uur gaat regenen en onweren.
Dus mijn plan wordt simpel. Ik ga erg vroeg afdalen en ga via het dal nog een mooie wandeling maken die ik van een bevriende loper heb gekregen.
En dus sta ik de volgende morgen om 6.45 uur buiten.
Ik ga op mijn gemakje afdalen en beneden neem ik de bus (20 minuten) naar het startpunt.
In Tonkie tape ik mijn enkel en trek andere schoenen aan.
Ik neem een dagrugzakje en rij 10 minuten verder naar een ander startpunt, Falbeson.
Via een mooi bos klim je naar boven om uit te komen bij de Ochsenalm, een kleine knusse alm met vers gebakken taart en koffie. Een klim van 700 hoogtemeters.
De alm ligt zo mooi, je hebt zicht op een enorme waterval en ziet hogerop de nieuwe Regensburgerhut liggen. Ik drink er op mijn gemakje koffie met chocoladecake en langzaam zie je steeds meer wolken komen.
Als ik aan de afdaling begin neem ik ipv het bospad het vorstpad, een breder grindpad waar ik met de enkel prima kan rennen.
Ik sluit die dagen af met een heerlijke afdaling en stap helemaal zen in Tonkie om rond 13 uur richting Nederland te rijden.
Als ik net onderweg ben gaan de sluizen open en begint het hevig te regenen.

4 dagen op pad in de bergen (de eerste dag heb ik een rondje gerend van 10 km bij Lermoos), wat een genot om weer in de bergen te zijn. Ik heb het gemist!
Die ronde ga ik nog wel een keer lopen, door wat pech met de enkel ging het dit keer niet lukken. Het werd plan B maar waar het vooral om ging was om in de bergen te zijn en te genieten. Dat is gelukt, niets maakt je hoofd zo leeg als de bergen.

De Stubaier Höhenweg is werkelijk prachtig, mooie toppen, meren, gletsjer, technisch , echt alles waar je blij van wordt. Maar weet dat het geen walkinthepark is. Het is veel klimmen en klauteren en heel veel echt renbare stukken kom je niet tegen. Het is niet voor niets bijna allemaal zwart bergterrein.
De dag dat ik tussen de Bremer en Innsbruck hut liep is er een Belg verongelukt op datzelfde stuk en helaas overleden.
Dus hou je van uitdagend en technisch terrein, dan is dit enorm aan te raden om zelf te lopen met je rugzak. Er zijn onderweg aardig wat hutten waar je kunt slapen. (wel reserveren)
Verder is er in het dal een bus die ieder uur rijdt. Vanaf Insbruck naar het einde van de weg in het dal, ideaal. Waar je ook afdaalt, je kunt (bijna) altijd een bus pakken.
Ook zijn er liften die ook in de zomer werken dus je kunt zelfs hoger beginnen als je dat zou willen.

Bijna op pad naar de Stubaier Alpen – een rondje rennen

De Stubaier Alpen staan al een tijdje op mijn lijstje om eens te gaan lopen.
De Stubaier Höhenweg is een van de mooiste, maar ook de meest uitdagende hooggelegen wandelroutes in de oostelijke Alpen.
De route is geclassificeerd als een zwarte bergweg en slingert uitsluitend door alpine terrein.
Kortom, dat roept om een avontuurtje.
De route wordt vaak in 7 dagen gelopen en dan gaat men met de lift naar boven en start hoog. Ik start in het dal in het dorp Neustift.
Ik heb de kaarten aangeschaft en de route ingetekend op zowel een fysieke kaart als een digitale kaart in Komoot.
Zo heb ik altijd een backup en bovendien kan ik Komoot precies zien hoeveel km en hoeveel hoogtemeters het per dag zijn.
Volgende week ga ik die route lopen in drie dagen. Bijna 90 km opgesplitst in drie dagen met totaal 6500 hoogtemeters.
Ik heb twee hutten geboekt en ga op stap met een rugzak inclusief slaapzak omdat dat nu verplicht is in een hut.
Ik heb enorm veel zin in een avontuurtje met mijzelf. Rugzak op en verdwijnen in de stilte van de bergen.
Dinsdag stap ik in Tonkie en donderdag ga ik lopen.
De weervoorspellingen zien er zover aardig uit.
Mocht het allemaal qua weer anders worden dan verzin ik wel een plan B.
Maar lopen zal ik in de Stubaier Alpen.
Ik zal eens zeker nog een uitgebreid verslag schrijven inclusief gpx bestanden.

Pak je fiets en op naar Normandie en de Opaal kust!

Het vakantieplan was 4 weken Patagonië. Covid19 zorgde voor andere plannen.
En dat werd onder andere een Tonkie roadtrip van een dikke week naar Côte d’Opale of Opaalkust en Normandie.
Kaarten, een reisboek en internet werd onderzocht en dat deed mij al snel besluiten om mijn mtb mee te nemen. Want ik las over veel mtb routes en op Komoot zag ik veel off road paadjes.
Het eerste deel, de Opaalkust, is 3 uurtjes rijden, zo dichtbij eigenlijk en je bent in een hele andere wereld.
De wereld van lange stranden, vissersdorpjes, rotsformaties, een achterland vol groen en graan akkers. Heuvelachtig, vol met smalle D-wegen waar je rond kunt toeren met de auto of op je racefiets mooie routes kunt fietsen.
Een wereld van heel veel gravelpaden!
Ik fietste er een hele toffe graveltour die ik met Komoot gemaakt had. Vanaf de camping naar de kust. Tussen de graanvelden door, naar uitzichtpunten, langs de kust, voorbij bunkers en door bos. Het werden 49 km’s met 750 hoogtemeters.

We wandelde er met Flynn en ik liep er nog een mooi trailrondje.
Ons idee was om iedere dag of om de dag een stukje op te schuiven. Onderweg wat sightseeing en wandelen.
Normandie ligt 2 uurtjes verder en vlak bij Berville Sur Mer hadden wij een camping gevonden. Net over de enorme brug die over de Seine gaat.
Ik fietste er een mooie gravelrit waarvan een groot deel langs de Seine liep, er bleek een mooi breed gravelpad te lopen.
Het eerste deel was afgesloten maar met de mtb op mijn nek ben ik toch het hek maar over gegaan.Via een smalle grasstrook kwam ik na een aantal km plots op dat brede gravelpad uit. Km’s lang langs de Seine en uiteindelijk onder de enorme brug door.
Ik fietste langs werkelijk prachtige boerderijen en door slaperige dorpjes met steeds weer imposante oude kerken.
Een mooie tocht van 49 km en 550 hoogtemeters.

Via de kustweg vervolgden we onze roadtrip en bezochten wat dorpjes aan de kust. Uiteindelijk kwamen we uit bij Juno Beach.
Normandie heeft een kust met een ongelooflijke geschiedenis, als je daarin geïnteresseerd bent kun je hier weken zoet zijn om alles wat met de tweede wereld oorlog te maken heeft te bezoeken.
Wij bezochten Juno, Ohama en Utah Beach, stranden waar 10.000en militairen sneuvelden, en bezochten de begraafplaatsen. We waren er stil van.
Ik maakte in die streek ook een graveltocht van 56 km waar ik startte in het dorp Sainte-Mère-Église. Hier hangt aan de kerk een parachutistenpop, ter herinnering aan parachutist die met zijn parachute aan de toren bleef hangen. Hij werd onder vuur genomen door de Duitsers en overleefde door zich dood te houden. Ik eindigde op Utah beach, waar tijdens D-Day een grote veldslag was.

Die avond wandelde we tijdens zonsondergang naar Le Mont-Saint-Michel en zagen de zon in de zee zakken, betoverend mooi!
Ook bij La Fosse Arthour kun je mooi wandelen en rennen, een sprookjesbos met een tragische legende van koning Arthur.
Vanaf daar reden we door naar Swiss Normandie. Swiss is misschien wat overdreven maar je maakt er wel flink wat hoogtemeters.
Daar maakte ik met behulp van wat MTB kaarten van de Engelse buurman op de camping en Komoot een fikse mtb route. Het gebied ligt vol mtb routes, 30 in totaal. Goed aangegeven en echt pittig.

Er zaten delen bij die ik echt moest lopen, zo stijl. Maar, wederom supergaaf. Ik vond een verstopt kerkje hoog in het bos, fietste langs de rivier, over bruggen, door bos en graanvelden. Met 35 graden was het echt een pittige tocht; 50 km met 1000 hoogtemeters.
Vanaf daar zijn we richting Neufchatel sur Bray gereden, met een tussenstop in het prachtige Forêt d’Eawy, waar we hebben gewandeld en gepicknickt.

Bij Neufchatel heb ik nog twee korte ritjes met de mtb gemaakt (11 en 23 km).
Vanaf daar was het nog maar 4 uurtjes rijden naar huis en kijken we terug op een geweldige week.
Maar wat heeft dit gebied ons verrast! Echt een enorm gaaf fietsgebied, of je nu op je racer, je mtb of je gravelfiets zit.
Qua hardlopen is er genoeg te trailen, alleen is het geen technisch terrein. Behalve bij Swiss Normandie, daar vind je genoeg uitdaging.
Ik wilde deze week vooral gebruiken om te fietsen.
We hebben veel gewandeld met onze Flynn en ook daar kun je overal heen. Steeds vonden we weer vlak bij een camping een gravelpad waar we zo in het bos of tussen de graanvelden liepen.
Last but not least, De grootste verrassing waren misschien wel de kleine brouwerijtjes waar geweldige lekkere biertjes te vinden waren. Prachtige speciaal biertjes die ik niet kende, echt tof. En dat voor een land dat bekend staat om de wijnen.
Kortom, gooi je tent in de auto, of laad je campertje vol -laat wat plaats over voor de biertjes die je mee terug gaat nemen- en rij naar de Opaal kust voor een weekend of als je tijd genoeg hebt naar Normandië.
Vergeet je vooral je fiets niet!

De Eislek trail – trailen niet te ver van huis

Je hebt twee dagen vrij, wilt niet te ver rijden maar toch trailen met hoogtemeters.
Dan kom je al snel uit in de Ardennen, dat was al even geleden dat ik daar geweest ben.
Een tijd terug had ik de Escapardenne trail gelopen, de Eislek trail zit daar aan vast.
Een goed idee om daar dan twee etappes van te lopen.
Samen met Yvon ging ik op pad na de grote autowissel. We hadden in de buurt van Nadrin een Air B&B geboekt en lieten daar een auto staan. Met de andere auto reden we naar Houffalzie. Daar was de start van de route.
De route staat erg goed aangegeven, het blauwe bordje is niet te missen.
Wij liepen door het dorp in de richting waar we vandaag kwamen met de auto. En al snel vonden we de bordjes. Geen seconde hebben we gedacht of we wel de goede richting op liepen. Op de automatische piloot omdat we ook daar vandaan kwamen.
En zo liepen we een mooie route met aardig wat hoogtemeters.
Langs graanvelden en door bossen. Met hier en daar stukken asfalt, dat dan weer wel. Halverwege een pannenkoeken lunch in een weiland voor we aan het tweede deel gingen beginnen.
Onderweg kwamen we best wat wandelaars met rugzakken tegen, de Belgen vieren ook vakantie in eigen land.
Na een km of 17 dacht ik, ik zal eens kijken wat de handigste weg is naar de B&B. Maar het stipje wat ik gezet had in Maps.me zag ik niet. Pas toen ik uitzoomde zag ik dat we wel erg ver weg waren van waar we moesten wezen.
Je raadt het al, we zijn de route de andere kant opgelopen, dus richting Asselborn. We zaten al in Luxemburg. 17 km terug, shit.
We besloten om een stuk terug te lopen en dan richting de weg te lopen en kijken of we een lift konden fixen.
En dat gebeurde, we hadden er 23 km ( en 700 hoogtemeters) opzitten toen we een lift kregen van een vrouw die daar woonde, super aardig. Ze bracht ons weer naar Houffalize, waar we begonnen waren en dus nog een van de auto’s stond.
De Chouffe van de tap op een terras smaakte er nog beter van.

De volgende dag, na een enorm ontbijt, reden we naar La Roche en zijn vanaf die kant terug naar de Nadrin gelopen. de andere auto bleef dus in Nadrin.
Een hele mooie route met flink wat hoogtemeters. Een aanzienlijk stuk minder asfalt.
De route van de trail de Fantomes die je daar zelf kunt lopen met een tracker liep een heel stuk gelijk met onze route. Hier en daar zagen we een enkeling met een startnummer op.
Prachtige paadjes lang de Ourthe en veel op en neer. Echt een toffe route.
Na 24 km en 1000 hoogtemeters komen we weer aan in Nadrin.
We rijden richting La Roche en onderweg komen we een knus terras tegen wat tevens de finish en start plaats is van Trail de Fantomes. Tijd voor een welverdiende blonde Lupulus.
We proosten op een twee heerlijke dagen, lekker bijgekletst en heerlijk gezworven, en wat een mooi weer hadden we!
De Eislek trail is totaal 106 km, dus voor iedereen prima te lopen, of je het nu in etappes doet of in een ultra. Het staat erg goed aangegeven waardoor je niet met een kaart hoeft te lopen. In de dorpjes onderweg is er eet en slaapplekken te vinden als je het in etappes wilt doen. Je kunt de route via beide kanten lopen, bordjes zijn voor beide kanten geplaatst.
Een mooi avontuurtje niet te ver van huis maar waar je zeker genoeg hoogtemeters kunt maken.

Drie daagse stage race in de Vogezen

Eindelijk mag je dan weer naar het buitenland. Lia en ik hadden weken ervoor al een plannetje gemaakt, alle 2 vrij genomen en hopen dat de grens open zou gaan. En dat gebeurde. Tonkie werd gestart en op naar de Vogezen.
Ik had drie routes ingetekend op de kaart. Aangezien we weinig of geen hoogtemeters in de benen hebben was het idee om drie dagen achter elkaar te rennen en per dag rond de 25 km met 1000 hoogtemeters te maken.
Een camping geboekt bij La Bresse en ons plan was klaar.
De Vogezen is rond de 5.5 uur rijden en dat is prima aan te doen.
Dag 1 – rondje Col de Bramont – Ik had de route ingetekend vanaf de camping. Ideaal, je loopt eigenlijk zo het bos in en je begint aan de eerste klim.
Via het kleine Lac de Etang loop je richting Lac Des Corbeaux. Als je via de linkerkant omhoog gaat is het minder steil maar kom je wel bij een prachtig uitzichtpunt.
Vanaf daar kijk je op het meer. Neem je de andere kant dan moet je een heen en weertje doen wil je op het uitkijkpunt uitkomen en die kant is wat steiler.
We lopen verder door het bos en komen uiteindelijk uit bij Le Mur Des Granges, een hut. Maar alles is dicht. Er staat wel een bankje en wij hebben pannenkoeken bij ons dus picknicken we met ons eigen eten en drinken.
We zijn ondertussen in het Massif Grand Ventron.
We rennen verder via Col de La Place en komen bij de parking van Grand Ventron uit.
Daar is wel de auberge open. Gewapend met mondmasker bestellen wij 2 cola. Als hij ze al open heeft gemaakt blijkt dat we niet kunnen pinnen en cash hebben we niet.
We maken uiteindelijk de deal dat we morgen komen betalen aangezien dat ons startpunt is voor de tweede dag.
Als we verder klimmen komen we bij een ‘kompas’ uit. Die geeft aan waar alle bergen liggen in de weide omgeving. Een mooi open stuk.
We rennen over mooie singletracks en komen bij Col de Bramont. Vanaf daar is het afdalen naar de camping.
23 km en 1100 hoogtemeters. We trekken een Karmeliet open, de BBQ in de fik en proosten op een mooie dag.

Dag 2 – Rondje Le Grand Ventronwe rijden in 20 minuten naar het startpunt, de parking van Grand Ventron en willen eerst de cola betalen. De deur is op slot en op kloppen reageert niemand. Dan maar betalen als we terug komen.
We rennen naar Col de Echarger om erna af te dalen over een heerlijk pad door het bos.
Dan staan we plots voor een hek waar verboden toegang op staat. Maar daar moeten we toch echt heen. We checken de kaart nog een keer maar het zou echt moeten kloppen.
En achter het hek lijkt ook een goed pad te lopen.
We zoeken nog wat om een andere optie te vinden. Die is er wel maar die is om en dus besluiten we om over het hek te klimmen. Dat is het begin van gezoek want aan het eind van dat pad is er niets meer, we klimmen weer over prikkeldraad en nog een keer over prikkeldraad, struinen door bosjes om uiteindelijk beneden te komen.
Maar na geklim en geklauter komen we waar we moeten wezen, op de GR route.
Via Col de Collet, Col du Page en Col d Oderen lopen we over echt hele mooie stukken, komen we in open delen en vinden we gelukkig een verlaten boerderij waar een waterbak is. We vullen onze flessen en eten wat.
Via het mooie pad van de GR531 lopen we terug naar waar we begonnen zijn, Grand Ventron. We zien dat de Auberge weer dicht is, de cola kunnen we niet meer betalen maar we hebben ons best gedaan.
Terug op de camping trekken we een blond Halderbergs biertje open en steken we de BBQ aan. Wederom een hele mooie dag. 24 km en 1000 hoogtemeters.
Dag 3 – Rondje Col De Bussang – We rijden vanaf de camping 40 minuten naar het startpunt, een parkeerplaats net buiten Bussang.
We klimmen gelijk het bos in naar Col De Bussang, een fikse klim. We volgen de GR531 naar boven. We maken een soort lus en komen aan de andere kant van Bussang uit. Daar is het wat gepuzzel om over en onder de weg te gaan om weer op onze route te komen. Uiteindelijk komen we toch verkeerd uit en besluiten om een ander pad te nemen om later weer op onze ingetekende route uit te komen. We klimmen nog een keer voor niets want dat was ook niet het pad wat we moesten hebben maar daarna gaat het weer goed.
En we komen op een echt heel tof stuk terecht. Eigenlijk alleen maar mooie stukken.
We klimmen naar Kioske Du Sotre, een glazen hut op een mooi uitzichtpunt. Continue reading

De “plannetjes koningin” kan los

Thuis word ik “de plannetjes koningin” genoemd en dat is niet voor niets. Ik maak graag plannetjes en voer ze altijd uit. Avontuur, reizen, bergen, fietsen, lopen, het kan allemaal.
De afgelopen periode was het allemaal wat lastiger met plannetjes maken maar heb ik er toch het beste van gemaakt. In Nederland kun je ook leuke dingen doen.
Nu gaan 15 Juni de grenzen weer open en dat nodigt uit tot heel veel plannetjes.
Miijn hele agenda is omgegooid en alleen dat al zorgt voor andere plannen.
Normaal gezien zou ik over 14 dagen 6 weken in Zuid-Afrika zitten voor het werk, gecanceld.
Normaal gezien zouden we in November 4 weken naar Patagonië gaan als grote vakantie. Die hebben we zelf maar gecanceld. Want niets is zeker, niet wat betreft de toestand daar en zeker niet als het herfst is en het virus de kop weer op steekt. Dan wordt mijn vakantie weer ingetrokken en zou het een vakantieloos jaar worden. Dat kan natuurlijk niet.
Dus de “plannetjes koningin” in mij kan los.
Het is gepuzzel wanneer we dan op vakantie gaan, want plots zitten we in het bijna hoogseizoen. Dus ook op het werk is dat lastig, maar daar komen we vast wel uit.
Maar dan die grenzen, je zou 15 Juni bijna aan de grens gaan staan met Tonkie om zo richting bergen te rijden.
Maar laten we het voorzichtig opbouwen.
Dus heb ik drie toffe rondjes uitgezet in de Vogezen. Die ga ik die week erop samen met Lia lopen. De camping is geboekt, er is dan zelfs ook een wc en douche, hoe luxe!
3 x 25 km met rond de 1000 hm per dag. Dat gaat al best een opgave worden denk ik zo.
Bbq en speciaal biertjes mee en het masterplan is compleet. We hebben er enorm veel zin in.
Reden om snel wat meer te gaan trainen en proberen iets van hoogtemeters te maken omdat ik anders dag 2 al kreupel loop van de spierpijn.
Afgelopen week had ik een rondje gedaan van 10 km met 270 hoogtemeters. De dag erna spierpijn, ik weet weer wat hoogtemeters zijn.
Dan hebben Jeanet en ik samen nog een weekje vrij in Juli. Dat wordt een weekje bergen. Er borrelen een paar projectjes in mij, De Solo 11 Peaks bijvoorbeeld. Maar misschien is dat te snel met te weinig geloop in mijn benen. Daar ga ik nog even over verzinnen.
Dan is er nog het plan om een weekje naar de B&B van Maarten te gaan, de Spring-Inn. Je kunt daar oa de Zwitserse zeven heuvelen loop doen. Een tof rondje van 50 km.
En ik wil nog een paar leuke tochtjes maken met de Gravelbike. Zo heb ik het plan om in alle provincies van Nederland een graveltocht te gaan doen. Een rondje door een provincie maar dan zoveel mogelijk off road. Dat hoeft niet natuurlijk niet in een paar maanden want dat is een mooi project verspreid over bv een jaar.
Dan zijn er nog leuke loopjes in Nederland met kaart en kompas om het oriënteren te trainen. Zoals het project Navi Great.
En er staan zelfs al weer heel voorzichtig wat evenementen in de agenda. Zoals een 8 uurs adventure race in September. Een 6 uurs MTB tocht in duo.
En vooralsnog staat de Costa Brava Stage race er ook nog steeds op de agenda, Oktober, wie weet.
Kortom, mijn status als plannetjes koningin kan ik weer innemen en gelijk volledig los gaan.
En daar heb ik enorm veel zin in!