3 dagen zwerven in de Vogezen – toen was geluk nog heel gewoon

De afgelopen 1.5 week zijn we in een soort nachtmerrie gekomen in Nederland. Waar iedereen dacht dat het wel mee zou vallen en het de vervanmijnbedshow leek is er nu een nieuwe realiteit. Voordat ik officieel vorige week vrijdag hoorde dat ik het land niet meer uit mocht als zorgverlener was ik donderdag na het werk met Tonkie al op weg naar de Vogezen.
Ik zou samen met Yvon drie dagen gaan lopen. De routes had ik ingetekend op de kaart en we hadden een hut besproken zodat we een tweedaags rondje konden lopen met rugzak(je) en dan nog een ochtend een andere mooie route lopen.
De start was in Wildenstein, een uitgestorven dorp vlak bij La Bresse.
Dat ligt op 572 meter hoogte. Ik had de route niet in gpx dus alles met de kaart en kompas. Een mooie uitdaging.
Het begint met een fikse klim door het bos om uiteindelijk uit te komen op de berg(jes) van de Vogezen. Mooie uitzichten ! We klimmen toch mooi naar 1170 meter.
We lopen over de toppen van de Vogezen, allemaal niet heel hoog maar wel echt een prachtig deel. De Batteriekopf, Rottenbachkopf en de Rainkopf. Het deed mij erg aan Ierland denken.
Hier en daar komen we een Auberge tegen maar alles is dicht.
Het begin is alles groen maar op een gegeven moment komen we toch echt in de sneeuw terecht. We zakken soms tot onze knieën weg. Zwaar lopen maar super mooi.
We dalen af richting eerst Lac Fishboedle en klimmen vervolgens richting Lac de Schiessenrothried. Er volgt nog een klim en zware stukken door sneeuw. We kunnen het pad amper vinden en moeten soms echt goed zoeken. Op sommige momenten zijn we echt het pad volledig kwijt en lopen terug waar we voor het laatst op het pad zaten.
Het kaart lezen gaat goed maar op sommige momenten heb ik ook twijfel. Maar gelukkig vinden we steeds de weg. De tijd gaat namelijk dringen en je wilt toch niet in het bos lopen zonder licht.

Dus houden we de vaart erin en als we een fikse klim maken in het bos zouden we als we nog een keer dwars door de sneeuw oversteken een hut moeten zien.
En dat klopt, moe en opgelucht dat we op tijd in de hut zijn is het eerst eens tijd voor een heerlijke blonde tap, die is meer dan verdiend. 22 km en 1600 hm volgens de suunto.
De dames in de hut maken een lekkere maaltijd klaar en met maar drie anderen mensen in de hut hebben we een 4 persoonskamer voor ons alleen.
De volgende dag besluiten we om naar Col de la Schlucht te lopen en via dezelfde weg weer terug. Het deel wat ik graag wilde doen, Sentier Des Roches is normaal gezien al een pittig stuk maar met de sneeuw en in de morgen het opgevroren sneeuw misschien niet zo goed idee om nu te lopen. Dus die slaan we over.
We maken een heen en weertje en lopen weer langs de hut op weg naar de Hohneck. Dat stuk ziet er fantastisch uit met een paar meter sneeuw in de flanken. We komen vandaag iets meer wandelaars tegen omdat er een parking bij de Hohneck is.Vanaf de Hohneck doen we nog een ander topje aan en lopen nu ipv via de toppen die we de vorige dag al gedaan hebben langs de Westelijke kant.
Het levert een paar mooie uitzichten op meren die we nog niet eerder zagen.
We zoeken wat naar het GR pad, want we zitten net iets lager maar zien dan toch erboven een pad lopen, inderdaad het GR pad.
Van het groen komen we weer in hele stukken sneeuw terecht.
Alles ziet er tof uit zo in de sneeuw ondanks dat het lopen wat lastiger is en vooral soms lastig om een pad te vinden. De bewegwijzering is niet heel duidelijk dus je moet het echt met de kaart doen.
Uiteindelijk komen we in een heerlijke afdaling  door het bos die ons weer naar Wildenstein brengt en waar geen sneeuw ligt. Vliegen over de paden.
Een prachtige tweede dag, 20 km en 1000 hm.
Zondag was het plan om een rondje Lac De Corbeau te doen. Dat meer staat bekend als een van de mooiste meren in de vogezen.
Als je er naar toe rent via het bos is het een paar km vanaf waar wij de auto geparkeerd hadden. Dan kun je beneden een rondje om het meer lopen maar je kunt er ook bovenlangs omheen.
Je klimt 450 hoogtemeters en uiteindelijk kom je op een uitkijkpunt want een geweldig uitzicht oplevert. Wij zijn rechts van het meer via het moeilijkere pad omhoog gegaan. Daar lag ook nog aardig wat sneeuw. Via de andere kant zijn we afgedaald waar er bijna geen sneeuw lag en we een toffe afdaling naar de auto konden maken.
10 km en 450 hm .
En dat waren dan de laatste km’s in de ‘bergen’ voor een langere tijd.
Wat een geluk dat we dit nog net mee konden pikken.
Voor nu is het sporten op een lager pitje en zal het werk op maximaal gaan. Laten we hopen dat we dit snel onder controle hebben en we allemaal weer van de bergen kunnen genieten. Zolang dat niet kan droom ik weg in tijden van onzekerheid naar oa deze drie dagen.

Tromsō Hamperokken Skyrace – I am in!

Vanaf de eerste editie wil ik de Tromsø Skyrace al lopen, maar steeds was er wat anders. Dus dit jaar weer een poging .1 februari startte de inschrijving dus zat ik klaar om 00.00 uur. 

Toen kwam  ik erachter dat het om 12.00 uur in de middag pas open ging. Dus zat ik in de middag klaar achter mijn ipad om een poging te wagen. Met 200 lopers als limiet moet je er snel bij zijn. Vantevoren had ik al een account aangemaakt zodat ik snel alles kon afhandelen.

Het leek te lukken maar vervolgens kreeg ik geen bevestiging en was het onduidelijk of ik er nu inzat. Vandaag werd het duidelijk, ik mag meedoen! Ontzettend gaaf.

De race is in 2014 gestart door Kilian Jornet en Emilie Forsberg. Nadat ze een tijd in het Tromsø gebied waren geweest wilden ze er graag een race organiseren in de vorm van een skyrace. Deelnemers moeten een combinatie van uithouding en mountaineering skills hebben.  En men moet een erg ervaren trailer zijn die bekend is met technish  terrein. Die ingredienten maken dat ik deze race zo graag wil lopen.

En zo is de Tromsō Hamperokken Skyrace ontstaan. Het verbind de toppen van Tromsdalstind (1238 m) en Hamperokken (1404 meters).

Er zijn een aantal cuttof times en het is niet zomaar haalbaar om die te halen. Dus finishen is niet vanzelfsprekend. Maar goed, ik heb nog even om te trainen. Het eerste weekend van Augustus is nog ver weg. Ik heb er in ieder geval heel veel zin in, mijn eerste race in Noorwegen!

Getest – de Olight HS2 Hoofdlamp

Ik heb al eerder wat geschreven over een hoofdlamp van Olight. Afgelopen seizoen is er een  hoofdlamp op de markt verschenen die speciaal gemaakt is voor hardlopen of outdoor activiteiten. De Olight HS2.

Out of the Box
De hoofdlamp wordt geleverd met een mooi hard tasje om hem in te bewaren. Een USB kabel en wat extra clipjes voor op de band. En uiteraard een handleiding. De lamp is al gedeeltelijk opgeladen. Nog even aan de charger en je kunt op pad.

DraagComfort
De lamp weegt 115 gram, lekker licht dus. Het zit comfortabel en zonder geschud op je hoofd.
Er zit aan de achterkant een Li-Po batterij blokje en de voorkant heeft een klein lichtblokje (die wel veel licht geeft).
Het elastiek waar hij mee op je hoofd zit, is zoals bij alle hoofdlampen af te stellen op de maat van je hoofd. Het elastiek is een bredere band waar gelijk alles op vast zit en je dus geen drukplekken geeft.
Vanaf dag 1  zit deze hoofdlamp prettig. Niet zwaar en al snel had ik niet het gevoel dat ik een hoofdlamp op had. Doordat de lamp zelf klein is heb je niet zo’n blok op je voorhoofd.
De batterij achterop heeft een zacht foam en drukt niet op je achterhoofd.

Lichtvermogen
In de lamp zitten afzonderlijk 2 ledlampjes die je ook afzonderlijk kunt laten schijnen.
De hoofdlamp heeft 7 levels die onderverdeeld worden in 3 modussen.
Een modus wordt onder verdeeld in 2 stralen. Hoog en laag. Dus een sterk licht en zwak licht. Door twee keer klikken ga je naar een andere modus. Zit je in een modus dan kun je door 1 keer klikken sterk of zwak licht aanzetten.
Als je drie keer klikt in welke modus dan ook, gaat hij knipperen en zet je het sos licht aan. Alles bedien je met 1 knop aan de linker kant van de hoofdlamp.

Level 1 – mixed straallicht . Deze heeft dus een sterk licht en zwak licht.
Sterk licht is 400 lumens – zwak licht is 100 lumen
Level 2 – wijd licht. Zwak en sterk.
Sterk licht is 200 lumens – zwak licht is 50 lumen
Level 3 – spotlicht. Zwak en sterk.
Sterk licht is 200 lumens – zwak licht is 50 lumen.

Je krijgt dus enorm veel licht als je de mixed sterk aanzet, maar kunt ook accu besparen als je niet zoveel licht nodig hebt.
De lamp zelf is volledig draaibaar naar beneden en boven en dus kun je overal zonder enige moeite op schijnen.

De EMI met de Olight

Batterijduur
Alles is afhankelijk van de stand waarop je hem zet.
Gebruik je de 400 lumen dan ben je snel klaar – 2 uur en 10 minuten.
De 100 lumen is 9 uur licht, genoeg voor een nacht lopen.
200 lumen is 4.30 uur.
Als laatste 50 lumen, die gaan 18 uur mee.
Aan de blauwe lampjes (4 lichtjes) kun je zien hoeveel de accu nog over heeft en als er 10 procent over is begint het te piepen ( wat ik overigens irritant vind want dat hoor je dan heel de tijd)
De batterij is oplaadbaar en dus niet met gewone batterije  te gebruiken. Je kunt hem opladen met een USB oplader. Continue reading “Getest – de Olight HS2 Hoofdlamp” »

PSR 2018 – een stagerace voor op je bucketlist!

De Spaanse Pyreneeën, ik had er nog nooit gelopen. Ergens kwam de PSR in beeld, een kleinschalige stagerun van 7 dagen. 250 km en 15.000 hoogtemeters. Net als bij de TAR loop je dat in een team van 2.
En zo kwam het dat ik met Mirjam aan de start stond begin September.
Een nogal laat verslag en daarom ook wat meer foto’s en wat minder tekst.
De organisatie bleek vanaf de inschrijving meer dan goed te zijn. Tips hoe er te komen, vervoer terug naar het vliegveld of naar de start werd geregeld. En ook de hotels en het eten is geregeld. Kortom een week rennen met verder niets aan je hoofd.
Iedere dag begon rond de klok van 7 uur met op de kortere dagen wat later.

Een geleidelijke klim

Een vlucht naar Barcelona en dan nog 3.5 uur met de trein en je bent op de plaats van bestemming,
De inschrijving was snel gefixt en je wordt gelijk verwend met een goodiebag, Maar ook voel je gelijk de kleinschaligheid en persoonlijkheid van de organisatie en dat zou de hele week alleen maar sterker worden.

Etappe 1: Ribes de Freser – Queralbs (37 km en 2700 hm)

Dat klinkt wel als een etappe voor ons.
We blijken met 4 damesteam te starten en allemaal sterke teams. Het eerste deel is niet heel zwaar maar dan volgt er een enorme klim. Erna een mooi technisch terrein met lekker kleuterpartijtjes. Daar houden wij van.

De natuur is in het begin een soort kale vlaktes en later rotsig. We lopen door een prachtige vallei en om ons heen bergen. We zijn onder de indruk.
Als laatste volgt er een lange afdaling.
We halen daar het eerste damesteam in en geven daarom wat gas.
Als we vandaag als eerste eindigen zou dat toch supertof zijn! Je kan het maar in the pocket hebben.
En dat doen we, na 6.10 uur komen we als 9de overall team binnen en als eerste dames team met team 2 net 3 minuten achter ons.
Wat een begin! En wat een schoonheid, ik ben al gelijk verliefd op de Pyreneeën.
We gaan met een treintje terug naar de start en slapen in hetzelfde hotel.

Het eerste dames team van de dag.

Etappe 2: Queralbs – Puigcerdà (37 km en 1700 hm)

De tweede etappe start met een treintje naar de finish van de dag ervoor
37 km en 1700 hm. Twee klimmen en wat vlakke delen.
Eigenlijk een overgang etappe naar een ander gebied.
Het is erg warm en ik heb op een of andere manier krampen in mijn kuiten.
Het gaat vandaag niet vanzelf. We vervloeken delen, maar komen uiteraard ook weer bij de finish aan.
Dit is de minste etappe van de week. Dat is ook wel aangegeven omdat het een overgangsetappe is.
Het laatste deel is vlak asfalt/stenen. Daar worden we ingehaald door de Tsjechische meiden. We finishen op de derde plaats.
We nemen een fikse Hammer recovery shake en laten ons masseren.
Ik krijg van de Nl jongens wat Magnesium capsules, kijken of dat helpt tegen de krampen.

Etappe 3: Puigcerdà – Encamp (48 km en 2600 hm)

Ook wel de koninginne  etappe van de PSR genoemd, de zwaarste etappe zegt men.
We gaan Andorra in! Er is onweer op komst en dus is er een stricte tijdslimiet, je moet binnen 7 uur voorbij de 27 km zijn. Dat moet ons lukken.
Zoals bijna iedere dag starten we met een stukje vlak. Dan zitten wij ergens in het midden en schuiven meestal op gedurende de dag.

Verkoeling!

Een koninginnetocht werd het zeker.  Zwaar maar vooral van ongekende schoonheid.
Geweldige vergezichten, totaal ongerepte natuur, paradijselijke beklimmingen met overal rotsblokken, groene naaldbossen en watervalletjes. Wat een ongelooflijke mooie route!
De beloofde regen bleef uit, het was vooral erg zonnig en warm.
Dat maakte het zwaar, met de nodig klimmeters en de technische afdalingen.
Ondanks dat ik de hele dag maagkrampen had en bijna niets kon binnen krijgen liepen we toch sterk. In 9 uur waren we binnen en werden we 2de damesteam.

Etappe 4: Encamp – Arinsal (20 km en 1900 hm)

Er is geen routemarkering vandaag, je moet gewoon goed opletten en de route van de GR11 volgen.

.

De route staat in de gps maar die blijken we niet nodig te hebben.
De kortste route maar we een pittige. Dat is fijn want mijn maag voelt beter en zo kan ik wat herstellen. Het zijn twee grote klimmen en in het midden een opeenvolging van korte steile klimmetjes. Continue reading “PSR 2018 – een stagerace voor op je bucketlist!” »

Ultra Tour Monta Rosa – 4 stage race

ik schreef al eerder dat ik de 100 mijler van de Ultra Tour Monta Rosa omgezet had in een 4 stage race. Simpelweg geen zin in een 100 mijler. Te veel dingen aan mijn hoofd gehad om mij te focussen op een serieus project als een 100 mijler. En als ik 1 ding weet is dat alles in je hoofd goed moet zitten als je aan zoiets begint. Anders heb je bij voorbaat verloren. 

Daarom was het een goede keuze om voor een etappeloop te kiezen dit seizoen.

Eigenlijk hetzelfde parcours alleen dan in 4 etappes ipv non-stop. Het is alweer een tijd geleden dat ik een etappe loop heb gedaan. Andalusia en de TAR zijn al wat jaartjes geleden. Maar die constructie is enorm leuk omdat je met een groep gelijkgestemden 4 dagen aan het rennen bent. Vooral ook leuk omdat het vaak een internationaal gezelschap is.

Deze 4 stages zijn ook behoorlijk pittig met veel hm en gemiddeld een marathon per dag. En dat alles in het prachtige Zwitserland en Italië. Het voordeel van etappes is dat je het hele parcours kunt aanschouwen. Als je een ultra doet ben je ook nachts aan het rennen, wat ook altijd bijzonder is, maar heb je geen idee waar je gelopen hebt.

Kortom, ik heb er enorm veel zin in.

Hoe zien die etappes er nu uit en van waar naar waar  loop je? Hieronder kun je dat mooi zien. Een mooie combi van 2 landen, Zwitserland en Italië. 

In totaal 100 mijl en 11000 hm.

Er volgen nog twee mooie trainingsweken in de bergen voor de UTMR start. Dan hoop ik fit en sterk aan de start te staan. En mocht het allemaal goed gaan dan sluit ik het seizoen misschien nog af met een mooie ultra. Maar first things first.

Oh ja, kunnen we gelijk even over de nieuwe hangbrug lopen, 494 meter lang!

Julbo Aerolight Zonnebril – liefdesverdriet

De afgelopen weken heb ik gelopen en gefietst met de Julbo Aerolite zonnebril.
Het nieuwste model wat nu op de markt is. In hip paars/roze. Ja zelfs ik vind die kleur leuk. 
De bril is ontwikkeld voor mensen met een smaller gezicht. Dus een dames bril.
En dat merk je gelijk. De bril zit enorm lekker.
Sterker nog, als je hem opzet ben je ergens vergeten dat je een bril op je neus hebt.
Hij is vederlicht, 22 gram, dat is het.
Er zitten 3D Fit Nose neusvleugels op zodat je het kunt aanpassen aan de vorm van je neus. Je kunt het buigen hoe je het wilt.
Hierdoor blijft hij perfect op je neus zitten

De Zebra light glazen kleuren van categorie 1 naar categorie 3. Dat wil zeggen van heel licht naar donkerder, Een van de redenen waarom ik zo’n fan ben van Julbo brillen. Je kunt gewoon altijd je bril op je neus houden. In het donker kun je er mee starten en als de zon op komt kleurt het vanzelf mee.
Als je lenzen in hebt en het waait kan dat wel eens handig zijn. Maar ook als je op de fiets zit is een bril ongeacht de weersomstandigheden fijn. ideaal als de bril zich dan aanpast aan het weer.
Bovendien ventileert de bril door de tussen ruimte. Dus geen beslagen glazen bij veel zweten. En ook geen natte bril omdat de bril te dicht tegen je gezicht aan zit.

En zo was de Aerolight vanaf de eerste seconde met stip gestegen naar plek 1 in mijn zonnebrillen top 3 ! 
Het model zit perfect en het is zo vederlicht dat je het niet voelt. Daar komt nog bij dat hij hip is, ook niet onbelangrijk.
tot verleden week. De ultieme test kreeg de bril voor de kiezen. Maar of hij dat overleeft heb zal ik ws nooit weten. Voor mijn crash had ik mijn gezicht nat gemaakt en de bril even op mijn voorhoofd gezet. En toen ging ik vliegen.
De bril is ergens afgevlogen en het was te steil om hem nog te zoeken.
Dus met mijn pijn in mijn hart heb ik afscheid genomen van de beste Julbo zover.
En helaas kan ik ook niet vertellen of er krassen op zitten na een crash.

Zoek je de perfecte bril? Julbo Aerolite is je bril.
Super Licht, verstelbaar op je neus en ventilerend. En hip!
De prijs is 159,95 euro en hij is hier te koop.

Hochkonigman – mag het ietsje meer zijn….

Het plan was redelijk duidelijk in mijn hoofd. Starten en tot de post op 39 km kijken hoe het zou gaan. Serieus proberen om tot 55 km te komen als er geen grote problemen waren en dan uitstappen en met de bus terug naar Maria Alm. Een korte beschrijving van hoe ik de Hochkonigman wilde lopen, normaal 85 km en 5100 hm.
Dat klonk als een goed plan. De dag ervoor heerlijk een beetje geluierd, gegeten en heerlijk bijgekletst met Nico en Mirjam. Qualitytime.
De start was om 0.00 uur. Het plan was om met Nico te lopen en zo geschiedde. Op een of andere manier kwam ik helemaal niet in mijn ritme. Ik was een soort misselijk, golven van misselijkheid kwamen steeds omhoog, met vlagen. Mijn darmen waren van streek en samen met Nico leek het wel onweer wat we produceerde aan gassen.
Ook Nico was misselijk. Later bleek Mirjam precies hetzelfde te hebben. Toch iets niet goed geweest in de pasta die we alle drie gegeten hadden. Hoe dan ook, het ging allemaal niet vanzelf. Ik begon al snel te denken dat ik er bij 39 km uit zou gaan. Zelfs het afdalen was gedoe, ik kwam er maar niet in op een of andere manier.
Hoe dan ook, de zon kwam op en er ontvouwde zich een prachtig gebied voor ons. Daar waar ik verleden jaar werkelijk niets had gezien door de dichte mist was het nu een prachtig gebied. We keken steeds op een wolkendek neer. Iets wat mij altijd enorm facineert. 
En zo kwamen we aan bij km 39 op een moment. Ik had met mezelf afgesproken als ik geen grote problemen heb loop ik door. Die had ik niet. Mijn hamstring voelde ik niet. Mijn ritme was er niet maar ging toch wel iets beter. Stijf was ik al wel, maar ja, niet heel gek als je niet meer dan 2 uur lopen in de benen hebt.
En dus gingen we verder. De zon was maximaal door en het was al bloedheet. Het werd 30 graden en zowat geen wind de hele dag. Gek genoeg kon ik mij van dat stuk niet zo veel meer herinneren van verleden jaar. Nu bleek het eigenlijk een pittig stuk te zijn. Maar toch begon ik beter te lopen. Klimmen ging beter en dalen kreeg ik wat meer gevoel bij.
Bijna bovenop de top daar was een hut. Dat waren twee woorden die we daar aan hoefden te besteden. Een terras en een halve liter koude cola was ons deel. Al snel werden we vergezeld door Aad en nog een andere loper.
Volgetankt gingen we weer op pad. Om dan toch ergens bij het 55 km punt te komen. Het parcours is gelijk aan verleden jaar. Helaas hebben ze de stukken asfalt in de afdaling erin gelaten, dat is echt zonde. Het eerste deel was wel een stuk beter gemarkeerd, maar het tweede deel zeker niet. We zijn drie keer verkeerd gelopen.
Bij 55 km begon de twijfel. Nico wilde graag de wedstrijd uit lopen. Hij had het zwaar en ik ook. Maar niet zwaarder dan ik. Eigenlijk werd ik beter. Ik kon zeker nog wel een stukje verder maar de pest was dat je er nergens meer uit kon. Dus als ik verder zou gaan moest ik het echt helemaal uit lopen. Het doel was bereikt, 55 km was nu een prestatie op zich voor mij. Ik zou er hier uit gaan.

Maar Nico zou het heel zwaar krijgen alleen. Samen ben je sterker. Dus de knoop door gehakt. Ik zou met mijn keppe meegaan. Dan samen afzien,beter dan alleen. Thats where friends are for.
Dus wilden we ons klaar maken om te gaan. En plots was er een hele discussie. We mochten wel maar zouden nooit de tijdslimiet halen want we moesten om 18 uur op 76 km zijn. Er zouden nog 2000 hm volgen en dat zouden we dan inderdaad niet halen. Maar gek genoeg was de tijdslimiet 22 uur en waarom zou je dan nog 4 uur over houden voor de laatste 8 km afdalen? Ik begreep er niets van maar de jongen van de organisatie was duidelijk. Als we niet om 18 uur bij 76 km waren moesten we met de auto naar beneden.
Daar zaten we dan . Klaar om te strijden met elkaar en onszelf en nu mogen we niet. Teleurgesteld en boos. Want het sloeg ook nergens op gewoon. Die tijdslimiet konden we makkelijk halen naar de finish.
We zaten daar bijna een uur. Ik apte wat heen en weer met jeanet en die vond het ook maar raar. Dus die dacht ik zal nog eens kijken op de site. Wat bleek, de tijdslimiet was 20.00 uur op 76 km. Jezus! Klootviolen! Inclusief wijzelf want dan hadden we dat overzicht maar mee moeten nemen.

18 uur bleek voor de marathon afstand te zijn, een andere wedstrijd dus.
Weer hoop gedoe, en die gozer onze nummers op laten schrijven voor het geval we niet voor 22.00 uur binnen zouden Zijn. Want we hadden een uur zitten verdoen door hem. Die zouden ze er dan bij op moeten tellen mochten wij het niet halen.
Wij dus weer op pad. De eerste twee uur een soort klimmen als een dolle. Ik voorop en nico in mijn kielzog. Daarna begon de klad er wel een beetje in te komen. Nico had ontzettend last van een kapotte gat. Dat was ondertussen een soort rauw stuk vlees geworden. Het was bloedheet en er leek aan het klimmen maar geen einde te komen. Steeds weer een klim, steeds als je dacht nu zijn we toch wel uitgeklommen.

Maar uiteindelijk was daar dan de laatste lange afdaling. Ik kon ondertussen de sportdrank niet meer verdragen. Als ik het rook begon mijn maag al samen te trekken. Gek want water gaf geen problemen.
Dus gas erop en naar Maria Alm! Ik kon best nog ok rennen ook. Maar dat lukt Nico helemaal niet meer. Zijn kont deed zo zeer dat hij echt niet meer kon rennen. Dan schuurde het vlees op vlees. Dus dan maar wandelen. Nico wilde dat ik verder ging omdat ik nog kon rennen. Maar geen haar op mijn hoofd die daar aan dacht. Een uur later zal mij dan ook een rotzorg zijn. Samen uit, samen thuis.
En dat lukte, met een heel plein vol mensen kwamen wij bijna als laatste binnen. Tijdens de afdaling zijn we toch nog wel ingehaald door een stuk of 10 lopers. Het was een soort hilarisch, enorm gejuich en geschreeuw. Dat is nog eens een finish! Mooi om dat samen met mijn partner in crime te doen!
Ik was verrot maar ook blij verrast dat ik er toch gewoon 85 km uit geperst had, bizar toch. Je lijf onthoud gewoon nog wat dingen en stelt je in staat om met een vrij ongetraind lijf toch ook nog dit te kunnen.
Mirjam finishte in een mooie 17 uur en zo waren we alle drie toch zeer tevreden met onze prestatie. Hoe ik de volgende dag liep zullen we het maar niet over hebben maar dat is dan weer de prijs die je betaald voor ongetraind zulke dingen doen.
Hopelijk kan ik nu weer wat opbouwen en er nog een mooi seizoen van maken. Wel heb ik wat besluiten genomen over wedstrijden dit seizoen maar daarover later meer.

Het was een heel mooi weekend met mensen om mij heen die mij erg dierbaar zijn en in de bergen waar ik zo van hou….meer hoeft dat niet te zijn……

Up and down the vulcano – Pico de Fogo

Fogo is vulkanisch eiland met als hoogtepunt Pico de Fogo. 

De vulkaan die in het oog springt en waarvan het hoogste  punt 2829 meter is, de rand van de krater.

De laatste uitbarsting na 1995 was eind 2014. Dat zorgt voor een bizarre omgeving. De twee dorpjes die daar waren zijn vernietigt door de lava stroom. Er woonden 1300 mensen en gelukkig kon iedereen op tijd weg. Wat overblijft is een enorme krater aan de voet van de vulkaan met erin een enorme hoeveelheid steenlava ipv de wijngaarden en vruchtbomen die er waren. Resten van de dorpen zie je tussen het lava.

Maar ook wordt er weer volop nieuwe huisjes gebouwd. Of het oude huis wordt uitgehakt. Een bizar gezicht en wat een veerkracht van de lokale bevolking.

De weg die naar het dorp liep is verdwenen onder de lava en men rijdt nu via een zelfgemaakt spoor  aan de rand van de krater over een soort zandweg. De vulkaan staat in die enorme krater en de omgeving is mindblowing. Wij stuiterde over die weg terwijl de zon onder ging en de volle maan tevoorschijn kwam. We kwamen uit bij een BenB die nieuwe gebouwd was op de nieuwe lavastenen. Dat is zo heet onder je voeten en in de kamers dat het onmogelijk is te slapen zonder ramen en deur open. De hitte van de vloer is enorm.

Je kunt/moet met een gids de vulkaan op, sinds de laatste uitbarsting mag je niet meer alleen . Het gebied is ondertussen een soort nationaal park. Eigenlijk wil de overheid ook dat men er niet meer gaat wonen maar de plaatselijke bevolking denkt daar anders over.

Het plan was dat ik met een gids de vulkaan op zou gaan en jeanet zou de kleinere nieuwe vulkaan oplopen. Na wat overleg konden we een mooie combi maken. Ik zou naar de top gaan op 2829 en via de andere kant afdalen en zo uitkomen bij de kleine vulkaan en daar jeanet weer zien. Normaal gezien daal je niet af via die kant.

Ik vertrok in de vroeg morgen toen het langzaam licht werd. Jeanet zou 3 uur later vertrekken . Iets eerder want ik had wel gezegd dat ik doorliep.

Samen met de gids vond ik een mooi tempo. Van 1700 naar 2829 lopen. Het begin is door het dorp waar nu toch weer rond de 300 mensen wonen. Dan ga je klimmen, eerst nog wat geleidelijk maar dan is het een soort recht omhoog. Een pad zie je bijna niet meer.

We lopen boven de wolken. In het begin kijkt de gids nog steeds om of ik wel achter hem zit. Maar ik wijk geen meter van zijn zijde. Het eerste steile deel is zanderig maar dat gaat ergens over in rotsgebied. Soms met handen en voeten. Hier en daar stoppen we even en vertelt hij het een en ander. De uitzichten worden steeds mooier.

Ergens lijkt het of we er bijna zijn maar dat is toch echt gezichtsbedrog. Uiteindelijk komen we aan de rand van de krater.

Hij vertelt dat het meer dan drie jaar geleden is dat hij zo snel boven was, hij vind het tof dat ik sterk ben en we samen zo door kunnen lopen vertelt hij. Ik vind dat ook. De gemiddelde toerist doet er 3.5 a 4 uur over, wij waren na 2 uur boven. We lopen over de rand van de krater en zoeken een mooi plekje om wat te eten. Ik proef zijn zelfgemaakte cake en die smaakt heerlijk. Hij zit daar lekker en ik ga nog wat op verkenning.

Ik hobbel nog wat verder door langs de krater en kijk uit op een ongelooflijk uitzicht, bizar mooi, ik klim en klauter nog wat over de rand van de vulkaan en ben in mijn eigen wereld. De gids laat mij, hij weet dat het goed is en dat ik weet wat ik doe. 

We eten samen nog wat en daarboven op de rand van de krater belanden we in een mooi gesprek over het geloof , heel bijzonder. Armoede, rijkdom, oorlog, zomaar wat topics in een mooi open gesprek. Op een van de meest vredevolle plekken die je kunt verzinnen. Het is ook ongelooflijk hoe stil het is boven op de vulkaan.

Omdat het nog zo vroeg is , is het nog best fris en besluiten we een stukje te dalen. Van waar we zijn kijken we recht op de nieuwe vulkaan en moeten we jeanet aan zien komen. Maar dat gaat nog wel meer dan een uur duren. We dalen een technisch stukje af en dan komen we in het vulkaan gruis. Kleine stukjes veder lichte zandsteentjes. Je zakt er tot boven je knieen in weg en het afdalen is spectaculair! We doen een stukje en dan gaan we daar op 2550 meter liggen in het bed van lavasteentjes. Dat ligt ongelooflijk lekker want je zakt er helemaal in weg. Mijn gids doet een siesta in de vroege morgen. Ik lig daar simpelweg te genieten. Een uitzicht die je niet vaak in je leven zal hebben. Ik had er heel de dag kunnen liggen.

Na een dik uur zie ik twee kleine stipjes aankomen richting de kleine vulkaan. Dat is jeanet met haar gids. We wachten tot ze er bijna zijn en dan begint een van de spectaculairste afdaling ooit. Vol gas gaan we naar beneden. Ik probeer de gids bij te houden maar dat lukt mij echt niet, wow. Met grote springende stappen dansen we naar beneden met een wolk stof achter ons. Met een glimlach van oor tot oor en een grote wooohoooo rennen we downhill van de enorme vulkaan. Net voor de kleinere vulkaan gaat het over in hardere grond en rotsen en voelt dat plots heel gek. Tot we bij de kleinere vulkaan zijn ( je ziet hem mooi liggen onder mijn voeten op de foto). Met jeanet lopen we via een andere route terug en met een big smile en een high five neem ik afscheid van de gids. Wat een ongelooflijke mooie tocht was dit zeg. Geen ander mens gezien de hele tocht op twee lokals na waarna ik met open mond heb gekeken hoe die afdaalde. Bizar gewoon.

Fogo is enorm de moeite waard om te bezoeken. 

Het stadje São Filipe is bekend om de sobrado’s, oude Portugese huizen met op de begane grond een winkel en daarboven de woning.

Er staat een mix van opgeknapte sobrados met sobrados die op instorten staan. Het stadje staat op de nominatielijst voor world heritage. Het lijkt of de tijd hier heeft stil gestaan. Er zijn wat hotels, restaurants maar allemaal kleinschalig. Meer dan een handjevol toeristen hebben we niet gezien.